Omgaan met iemand die kanker heeft

Omgaan met iemand die kanker heeft

Als iemand in je omgeving kanker heeft, kan je het lastig vinden om daarmee om te gaan. Misschien weet je niet wat te zeggen. Of je wil wel helpen, maar je weet niet hoe. Dat ongemakkelijke gevoel is heel normaal. Toch kan je steun veel betekenen voor iemand met kanker. Hier lees je wat je kan zeggen en doen. 

Wat zeg je tegen iemand die kanker heeft? 

Praten over kanker is niet makkelijk. Maar het is mooi om het toch te proberen. 

Zo kan je het aanpakken: 

  • Zeg gerust dat je het moeilijk vindt. Bijvoorbeeld: “Ik weet niet goed wat ik moet zeggen, maar ik wil er voor je zijn.” Dat is beter dan niets zeggen.  
  • Laat merken dat de ander niet alleen is. Een simpel “Ik denk aan je” of “Je staat hier niet alleen voor” kan veel betekenen. 
  • Met “Het spijt me dat jou dit is overkomen” laat je zien dat je begrijpt dat de diagnose oneerlijk en zwaar is. 
  • Vraag liever “Hoe voel je je vandaag?” dan “Hoe voel je je?”. Met ‘vandaag’ erken je dat het morgen weer anders kan gaan. 
  • Respecteer het als iemand niet wil praten of niet meteen reageert. Je kan zeggen: “Je hoeft er nu niet over te praten” of “Voel je niet verplicht om te antwoorden.”  
  • Een kaartje is altijd een goed idee: je zieke buur, collega, kennis, vriend of familielid moet er niet meteen op reageren, maar je laat wel zien dat je meeleeft. 
  • Laat weten dat je er later ook nog bent: “Als je ooit wél wil praten, weet me te vinden.” 

Wat je beter niet kan zeggen: 

  • Maak de diagnose niet kleiner met zinnen als “Het komt wel goed” of “Ze kunnen veel tegenwoordig”. 
  • Zeg niet hoe de ander zich moet voelen, zoals “Blijf positief”, “Maak je geen zorgen” of “Als je maar blijft vechten”. 
  • Zeg niet: “Ik weet precies hoe je je voelt.” 
  • Vertel geen anekdotes over kennissen die ook kanker kregen. 
  • Geef geen ongevraagd advies over wat iemand zou moeten doen. 

Tegelijk: wees mild voor jezelf. Iets onhandigs zeggen is beter dan niets zeggen. Geeft iemand aan dat iets niet oké voelde? Dan kan je gewoon ‘sorry’ zeggen en het de volgende keer anders doen. 

Hoe steun je iemand met kanker emotioneel?

De angst en pijn kan je niet wegnemen. Maar je kan je partner, je kind, je broer of zus, je vriend of vriendin, je collega of buur wel helpen door er te zijn. Door mee te leven en aandacht te geven. Door samen iets te doen. Kortom: door de ander te laten voelen dat die op jou kan rekenen. 

Dit zijn gesprekstips: 

  • Vragen staat vrij. Weet je niet hoe je er het best kan zijn? Vraag er gewoon naar. 
  • Luister actief. Dat betekent méér dan ‘zwijgen terwijl de ander praat’. Probeer echt te begrijpen wat de ander voelt en bedoelt. Geef aandacht tijdens het gesprek: met een knikje, oogcontact of door kort te herhalen wat hij of zij zegt: “Ik hoor dat je je vandaag moe voelt.” 
  • Gebruik ik-boodschappen. Spreek vanuit jezelf in plaats van over de ander te oordelen. Zeg bijvoorbeeld “Ik maak me zorgen om je” in plaats van “Je zorgt niet goed voor jezelf”. 
  • Negeer ongemakkelijke onderwerpen niet als ze ter sprake komen. Je kan ze niet oplossen voor je dierbare, maar moeilijke thema’s kunnen delen is al heel wat. Humor kan ook helpen. 
  • Geef erkenning. “Dat klinkt zwaar” helpt meer dan “Kop op!”. 
  • Respecteer grenzen. Soms wil iemand praten, soms niet. Beide zijn oké. Vraag of het een goed moment is, en aanvaard een ‘neen’ zonder aandringen.  
  • Sta je wat verder af van wie ziek is? Hou vooral contact. Hoe meer de ziekte vordert, hoe meer kans dat het contact verwatert. Blijf regelmatig een berichtje sturen, bellen of afspreken. 

Dit zijn doetips: 

  • Ga op bezoek: 
  • Ga niet spontaan langs. Vraag altijd of het past.  
  • Soms heeft iemand geen zin in bezoek. Vat het niet persoonlijk op.  
  • Doe geen parfum op. Sterke geuren kunnen voor misselijkheid of hoofdpijn zorgen. 
  • Je tijd en aandacht zijn het leukste cadeau, maar een kleine attentie doet ook deugd. Bijvoorbeeld: 
  • iets om te lezen (tijdschrift, boek…) 
  • iets om te luisteren of te kijken (luisterboek, abonnement op streamingdienst…) 
  • iets om bij te leren (een e-course…) 
  • iets moois (een sjaaltje, oorbellen, sokken…) 
  • iets warms (deken, kussen, pyjama…) 
  • iets om te doen, thuis of buiten de deur (puzzel, knutselspullen, cadeaubon voor de film, een museumPASS…) 
  • iets van verzorging (een cadeaubon voor een massage of een gelaatsverzorging voor mensen met kanker…) 
  • iets dat geluk brengt (gelukspoppetjes, mascotte…) 
  • iets persoonlijks (een ingelijste foto, een kaartje, een videoboodschap…) 

Dit zijn geen goede cadeautips: 

  • iets dat sterk ruikt (zeep, parfum…). Dat kan voor misselijkheid of hoofdpijn zorgen.  
  • Krijgt je dierbare chemotherapie of immuuntherapie? Geef dan ook geen bloemen en planten. De bacteriën in de potgrond en bloemwater vergroten de kans op een infectie. 
  • Onderneem samen een activiteit. Je houdt natuurlijk rekening met wat de ander graag doet en nog kan en mag doen. Bijvoorbeeld: 
  • Ga mee om pruiken, sjaaltjes, mutsen of hoeden te passen. Of je gaat samen op zoek naar makkelijke kleren tijdens de behandeling. 
  • Ga samen naar de kapper of schoonheidsspecialist. Google op ‘erkend Kanker Beauty Professional’. Schoonheidsspecialisten en kappers met die titel volgden een opleiding op maat bij het Institute for Professional Care (IFPC). 
  • Zoek mee naar fijne bezigheden tijdens de periode van de behandeling. 
  • Hou iemand gezelschap tijdens de chemobehandelingen. Of zoek vrijwilligers om mee te gaan. 
  • Maak samen een kleine wandeling of een fietstochtje. 
  • Ga samen iets eten of drinken. 

En oh ja! Je steun is even hard nodig na een succesvolle behandeling. Want ook dan gaat je dierbare door een moeilijke periode: fysiek herstellen, alles emotioneel verwerken, de draad van het leven weer oppikken… 

Hoe kan je iemand met kanker praktisch helpen? 

Hoe je iemand met kanker het beste helpt hangt af van zijn of haar situatie, van de band die jullie samen hebben, en van jouw eigen mogelijkheden.  

Zo kan je het aanpakken: 

  • Vraag altijd hoe je kan helpen. Dring geen hulp op. Wat wil je dierbare liever zelf blijven doen? Respecteer dat. 
  • Wat laat de ander liever aan jou of anderen over? Maak samen een lijstje.  
  • Zoek vrijwilligers om het werk te verdelen. Teamwork makes a dream work. En mensen vinden het fijn om iets concreets te kunnen doen. 
  • Hou het realistisch voor jezelf. Beloof alleen de hulp die je ook kan realiseren. 

Je kan aanbieden om… 

  • iemand naar het ziekenhuis te brengen 
  • mee te gaan naar de dokter 
  • mee te helpen met het huishouden 
  • boodschappen te doen 
  • te koken, te eten en af te wassen. Vraag altijd naar wat iemand niet mag eten voor de behandeling. 
  • voor de kinderen te zorgen of ze naar hun hobby’s te brengen 
  • de hond uit te laten 
  • een bezoekrooster te maken 
  • informatie op te zoeken 
  •  

Hoe ga je om met de partner of kinderen van iemand met kanker? 

Heeft je naaste een partner of kinderen? Verlies hen niet uit het oog. Vraag ook aan hen hoe het gaat. Ga na of ze hulp kunnen gebruiken. Bied aan om wie ziek is gezelschap te houden, zodat de partner even de tijd krijgt voor zichzelf. 

Hoe ga je als collega om met iemand met kanker? 

Alle tips voor naasten die je hier leest, zijn natuurlijk ook van toepassing op collega’s. Maar hoe ga je om met elkaar op de werkvloer? 

  • Hoe neem je contact met een zieke werknemer? Hoe hou je contact? 
  • Hoe praat je met een zieke werknemer? Wat moet je vragen en wat mag je niet vragen? 
  • Wat vertel je aan de andere collega’s? 
  • Ook het handige online platform RECONNECT van Stichting tegen Kanker focust op de HR-medewerkers, preventieadviseurs en leidinggevenden op de werkvloer. Via video’s, getuigenissen en oefeningen leer je hoe je medewerkers tijdens of na kanker stap voor stap kunnen re-integreren op de werkvloer. 
  • Keert een collega terug naar de werkvloer tussen de behandelingen door? Doe dan vooral niet of er niets aan de hand is. Geef aan dat het fijn is om hem of haar weer te zien. Vraag je collega wat die nodig heeft, of die wil praten of niet. Soms is het werk de enige omgeving waar iemand zich even geen patiënt hoeft te voelen. 
  • Het fysieke herstel en de emotionele verwerking van kanker kosten tijd. Ook na maanden kan je collega nog moe zijn, concentratieproblemen hebben, het emotioneel lastig hebben. Verwacht niet meteen te veel van je collega. Neem niet ongevraagd taken over, maar pols wel of het takenpakket haalbaar is. 

Hoe communiceer je als (dichte) naaste met de buitenwereld? 

Wie ziek is, heeft soms veel aan zijn of haar hoofd. Niet iedereen heeft in elke fase van het traject de energie om nieuws te delen, telkens dezelfde vragen te beantwoorden of praktische hulp te regelen. 

Sta je dicht bij de persoon met kanker? Dan kan je een belangrijke rol spelen door de communicatie met de buitenwereld op je te nemen, via een WhatsAppgroepje bijvoorbeeld. 

Zo kan je het aanpakken: 

  • Kies samen met je dierbare wie erbij mag. Denk aan familie, goede vrienden, collega’s of buren die echt betrokken zijn. 
  • Vraag je ook af wat het doel van het groepje is. Willen jullie mensen op de hoogte houden? Willen jullie ook steunbetuigingen krijgen? Of willen jullie praktische zaken regelen? Splits eventueel op over meerdere groepjes. Je kan ook reacties uitschakelen als je alleen updates wil geven. 
  • Vertel bij de opstart kort wat de bedoeling is. Bijvoorbeeld: “Ik deel hier af en toe een update over hoe het met X gaat. Je hoeft niet op elk bericht te reageren. Fijn als jullie meeleven.” Of: “Mensen vragen vaak wat ze kunnen doen. Hier post ik af en toe iets waarmee je zou kunnen helpen. Voel je niet verplicht.” 

Let op! Volg altijd het ritme en de wensen van je dierbare. Die moet altijd centraal staan. Het kan een hulp zijn als jij de communicatie overneemt, maar scherm hem of haar niet af van de buitenwereld. Zoek samen naar een goede balans! 

Telefonische info voor KankerInfo

Ben je niet op de goede plaats?